De terreinbeherende organisaties zoals de leden van de Vereniging van Bos- en Natuurterreineigenaren (VBNE) en de Unie van Bosgroepen, werken nauw samen om eventuele natuurbranden beheersbaar te houden. Door preventieve maatregelen, samenwerking met partners als de brandweer en goed georganiseerd beheer van natuurgebieden, dragen wij actief bij aan de veiligheid van mens en natuur.
Natuurbescherming en natuurbrandbeheersing
Brandgevaar is niet het enige waar natuurbeheerders rekening mee moeten houden. Natuurbeheerders moeten altijd een balans zoeken tussen de wettelijke natuurdoelen die zij hebben zoals soorten- en habitatbescherming, en natuurbrandpreventie. Gelukkig kan natuurbrandpreventie vaak hand in hand gaan met het verbeteren van de vitaliteit van de natuur en het ondersteunen van de biodiversiteit. Met het dagelijks beheer werken we vaak al aan natuurbrandpreventie, maar er zijn ook aanvullende maatregelen.
Wat doen natuurbeheerders tegen (onbeheersbare) branden?
- Minder brandbare bomen
Naaldbomen zoals sparren en dennen branden heel goed. Wanneer de kronen van bijvoorbeeld hoge dennen vlamvatten, kan de brandweer er ook niet meer bij en ontstaat er een oncontroleerbare brand. Daarom werken beheerders al lange tijd aan het omvormen van naaldhoutbossen, naar meer gevarieerde bossen met loofbomen zoals eik, berk en beuk. Die variatie brengen we natuurlijk niet alleen aan om bos tegen brand te beschermen, maar ook omdat dat voor meer biodiversiteit zorgt en het bos minder kwetsbaar voor ziekten maakt. - Brandgangen tegen overslaan van brand
Om te voorkomen dat een natuurbrand van het ene naar het andere terrein overslaat, worden brandgangen gecreëerd: een strook zonder of met weinig bomen, met soorten die niet zo vatbaar zijn voor brand. - Vochtige bodems
Veel natuurterreinen zijn verdroogd en daardoor vatbaarder voor brand. Samen met waterschappen proberen natuurbeheerders het grondwaterpeil te verhogen en daarmee te zorgen voor een vochtigere bodem. Dat is vaak ook beter voor de natuur! - Tegengaan van vergrassing
Vergrassing van heideterreinen is niet alleen slecht voor de natuur, in droge perioden vormt al dat gras een makkelijke brandstof wanneer er een natuurbrand is. Met begrazing bijvoorbeeld door schapen of runderen, helpen dieren de opeenhoping van vegetatie te verminderen.
Voorbereid zijn op een brand
In een natuurgebied zorgen natuurbeheerders samen met de plaatselijke gemeente(n), de veiligheidsregio, de brandweer en andere organisaties dat een aantal zaken op orde is:
- Voldoende bluswater;
- Goede bereikbaarheid van het gebied;
- Goed bereik van telefoon en mobiel net (soms is bijvoorbeeld plaatsing van een extra zendmast nodig).
- Specifieke maatregelen voor natuurbrandpreventie.
Klimaatbestendig
Natuurbranden mogen dan een natuurlijk fenomeen zijn, bij grote branden krijgt de natuur er vaak wel een flinke klap door. Zeker als de omstandigheden voor planten en dieren door bijvoorbeeld klimaatverandering al zwaar geworden zijn. Zo overleven bomen een brand vaak ternauwernood, maar gaan ze alsnog dood als daarop enkele droge zomers volgen. Daarom werken natuurbeheerders aan het versterken van de natuur, het verhogen van waterpeilen en het planten van de juiste boomsoorten. Kortom: aan klimaatbestendige bossen die tegen een stootje kunnen.
Samenwerken aan natuurbrandbeheersing
Op landelijke schaal werken we samen met verschillende overheidspartijen en veiligheidsregio’s aan preventie en beheersing van natuurbranden. Er wordt een nationaal expertisecentrum voor natuurbrandbeheersing opgericht en we hebben meegewerkt aan een Landelijk Crisisplan Natuurbrand.
Het ministerie van LVVN heeft 29 miljoen euro voor de uitvoering van preventieve terreinmaatregen toegezegd voor de periode 2026 -2032. Zodra deze middelen beschikbaar komen, zijn de terreinbeheerders klaar om deze extra maatregelen de komende jaren in de natuurgebieden uit te voeren.